~ Gladneuzen ~
 
De Chiroptera

Bouw van de vleermuis

Geschiedenis van de vleermuis

Onderverdeling

Vliegen en jagen

Een jaar in het leven van de vleermuis

Bedreigingen

Fabeltjes & bijgeloof

Graaf Dracula

Soorten vleermuizen

Problemen met vleermuizen

Vleermuizenlinks

Steun ons...in de shop

De Meervleermuis (Myotis dasycneme)

Afmetingen:
- kop-romp: 5,7-6,7 cm
- staart: 4,6-5,1 cm
- spanwijdte: 20-30 cm
- gewicht: 14-20 gr
- maximumleeftijd: 20,5 jaar


Ook de Meervleermuis is een middelgrote vleermuis. Ze hebben een bruinige of vaal grijsbruine rug met een zijdeachtige glans en een witgrijze tot gelig grijze buik. Jonge dieren hebben over het algemeen een donkerdere kleur. Meervleermuizen hebben een korte roodbruine snuit en grijsbruine oren en vlieghuid.
In Midden- en Oost-Europa komen ze voornamelijk voor tussen de 48e en de 60e breedtegraad. Er zijn kraamkolonies gekend in België, Nederland, Denemarken, Hongarije, Letland, Duitsland, Polen en Rusland.

Biotoop: in de zomer verkiezen ze waterrijke gebieden met weiden en bossen. Je vindt ze dan meestal op zolders, vaak in de nok maar ook in spouwmuren. Alleen levende dieren wonen soms ook in boomholtes en vleermuiskasten. In de winter zijn ze ook te vinden in heuvelachtige gebieden. Ze verblijven er dan in grotten, groeven, kelders en bunkers, waar de temperatuur schommelt tussen 0,5 en 7,5 °C. Vanaf oktober tot midden maart/ april houden ze er hun winterslaap. Dat doen ze zowel in spleten gedrukt als vrij hangend aan muren en plafonds.

Men veronderstelt dat de vrouwtjes geslachtsrijp zijn vanaf hun tweede levensjaar, maar in kraamkolonies worden ook wel eens éénjarige vrouwtjes gevonden. De paartijd begint half augustus. Maar sommige mannetjes al vanaf juni/juli hun paargebied, terwijl de vrouwtjes er pas in de tweede helft van augustus toekomen. Er wordt ook gepaard in de winterverblijven. In mei trekken de vrouwtjes naar de kraamkolonies, die bestaan uit 40 tot 500 dieren. De kraamkamers kunnen van jaar tot jaar verschillen en soms verhuizen ze zelfs tijdens de kraamperiode. Ze delen soms een gebouw met Gewone dwergvleermuizen, Nathusius' dwergvleermuizen, Watervleermuizen en Laatvliegers. De jongen worden al vanaf de eerste helft van juni geboren en zijn midden juli al zelfstandig. In augustus worden de kraamkamers verlaten.

Ongeveer een half uur tot drie kwartier na zonsondergang gaan ze op jacht. Meestal is dat één lange vlucht maar soms zijn het er ook twee, één 's avonds en één tegen de morgen. Ze vliegen zo'n 10 tot 60 centimeter boven het water aan een snelheid van 10 tot 35 km/uur. De Meervleermuis jaagt niet alleen boven water, maar ook boven weiden en langs bosranden. Toch geven ze de voorkeur aan brede watergangen, kanalen, rivieren en meren met een groot wateroppervlak. Hun favoriete schotel bestaat uit dansmuggen en kokerjuffers, maar ze eten net zo goed vlinders en kevers.




terug naar boven